Kelp/Jodium

Kelp (Fucus vesiculosus of blaaswier) groeit langs de kusten van de Noord- en Oostzee en langs de noordelijke kusten van de Atlantische en Stille Oceaan. De soort komt regelmatig voor in kelpwouden.
Kelp is een zeer rijke bron van jodium, tot 600 µg/g, en andere mineralen, zoals kalium, magnesium, calcium en ijzer. Daarnaast bevat kelp veel florotanninen, een groep polyfenolen met een sterke antioxidant werking, en geringe hoeveelheden vitamines (onder andere B-vitamines en vitamine C).
De belangrijkste toepassing van kelp is als jodiumleverancier en in mindere mate als hulpmiddel om af te vallen. Andere voedingsbronnen van jodium zijn vis, eieren, kaas en melk. Verder wordt jodium toegevoegd aan keukenzout (21 mg/kg) en bakkers gebruiken met jodium verrijkt (65 mg/kg) bakkerszout. Voor vegetariërs, veganisten en mensen die weinig zeevoedsel en/of brood eten is kelp een belangrijke jodiumbron.
De opname van jodium uit de voeding wordt geremd door onder andere roken en bepaalde stoffen in de voeding, zoals calcium, magnesium, ijzer, nitraten en isothiocyanaten (in kruisbloemige groenten). Daarnaast bevatten diverse plantaardige producten stoffen die de opname van jodium in de schildklier en de aanmaak van schildklierhormonen kunnen remmen. Voorbeelden zijn pinda’s, gierst, walnoten, diverse koolsoorten, bonen en zoete aardappels.

Jodium is vooral van groot belang voor het goed functioneren van de schildklier. Daarnaast is het mineraal noodzakelijk voor een normale groei en ontwikkeling en voor een gezonde huid.
De schildklier neemt jodium op uit het bloed en bouwt het in de schildklierhormonen trijodothyronine (T3) en thyroxine (T4) in die worden opgeslagen in de schildklier en naar behoefte aan het bloed worden afgegeven. T3, het fysiologisch actieve schildklierhormoon, reguleert verschillende fysiologische processen, waaronder groei, ontwikkeling, metabolisme en reproductie. T4, het in grotere hoeveelheden in het lichaam circulerende schildklierhormoon, wordt in doelweefsels omgezet in T3.
De afgifte van schildklierhormonen gebeurt onder invloed van negatieve feedback, waarbij de hypothalamus, hypofyse en schildklier zijn betrokken. De hypothalamus geeft, wanneer de concentratie circulerende schildklierhormonen laag is, het thyrotropine-releasing hormoon (TRH) af. Dit hormoon stimuleert de hypofyse om het thyroïd-stimulerend hormoon (TSH) af te geven. TSH stimuleert de productie van T3 en T4 door de schildklier.
Een tekort aan jodium leidt tot een onvoldoende productie van T4, waardoor de hypofyse de afgifte van TSH opschroeft. Een langdurig verhoogde TSH-waarde kan hypertrofie van de schildklier tot gevolg hebben, beter bekend als struma of krop.

Circa 30% van de lichaamsvoorraad jodium (15-20 mg) bevindt zich in het schildklierweefsel en de schildklierhormonen. De overige 70% zit onder andere in het borstweefsel, het oog, de baarmoederhals, het maagslijmvlies en de speekselklieren. Het jodium in borstweefsel speelt een rol bij de ontwikkeling van de foetus en de baby. De functie in andere weefsels is nog onduidelijk, mogelijk fungeert jodium daar als antioxidant.
Vooral tijdens de zwangerschap en in de periode van borstvoeding is een optimale jodiuminname van belang. De WHO adviseert een dagelijkse inname van 250 µg jodium in deze periode. Zwangere vrouwen hebben niet alleen een hogere jodiumbehoefte vanwege de foetus, maar ook door een verhoogde jodiumuitscheiding via de nieren. Bij vrouwen die borstvoeding geven wordt 10–15% van de ingenomen jodium uitgescheiden via de borstvoeding.
In een Amerikaanse studie is gekeken naar vrouwen met ongediagnosticeerde hypothyreoïdie tijdens hun zwangerschap en de IQ-verlaging bij hun kinderen in de leeftijd van 7-9 jaar. Volgens de onderzoekers kan jodiumdeficiëntie hersenbeschadiging bij de foetus en andere neurologische defecten tot gevolg hebben, waaronder spasticiteit, verlaagd IQ, ataxie en doofstomheid.
Een goede jodiumvoorziening in de periode van borstvoeding is belangrijk voor de verdere neurologische ontwikkeling en productie van schildklierhormonen bij de baby.

Volgens cijfers van de WHO was er in 2007 bij 2 miljard mensen, waaronder 266 miljoen schoolkinderen in de leeftijd van 6-12 jaar, sprake van onvoldoende jodiuminname. Onderzoekers van de Boston University School of Medicine constateerden in 2013 dat er weliswaar vooruitgang is geboekt, maar dat jodiumdeficiëntie nog steeds een wereldwijd gezondheidsprobleem is dat zowel de geïndustrialiseerde wereld als de ontwikkelingslanden treft. Zo wordt jodiumdeficiëntie gezien als meest voorkomende oorzaak van vermijdbare hersenbeschadiging wereldwijd. Een jodiumtekort kan in elke levensfase schadelijk voor de gezondheid zijn, maar is vooral desastreus voor het zich ontwikkelende brein. In 2015 blijkt een derde van de 72,1 miljoen Europese schoolkinderen een ontoereikende jodiuminname te hebben.

Uit een recent RIVM-rapport komt naar voren dat het jodiumgehalte dat van nature in gewassen zit in Nederland onvoldoende is om in de jodiumbehoefte te voorzien. Daarom wordt jodium via zout toegevoegd aan brood. Door de toevoeging van gejodeerd bakkerszout is brood een belangrijke bron van jodium in Nederland. Mensen die echter geen of weinig brood eten, krijgen minder jodium binnen. Mensen die maximaal een snee brood per dag eten, krijgen gemiddeld 35-40% minder jodium binnen dan mensen die minstens vier sneden brood per dag eten. Ook mensen die brood eten zonder gejodeerd bakkerszout (zelf gebakken of biologisch brood) of kiezen voor zeezout in plaats van gejodeerd keukenzout lopen mogelijk het risico op een te lage jodiuminname.

(WD)

Bronnen

  • Opinion of the Scientific Committee on Food on the Tolerable Upper Intake Level of Iodine; EFSA, 2002.
  • Iodine Monograph; Alternative Medicine Review 15(3):273-278, 2010.
  • Floor PB: Jodium: Aspecten van een kleurrijk spoorelement (1); De Orthomoleculaire Koerier 19(5):13-19, 2004.
  • Maan ES: Nutriëntenwijzer: Jodium; Tijdschrift voor Orthomoleculaire Geneeskunde 27(1):22-25, 2012.
  • Geurts M, Verkaik-Kloosterman J: De jodiuminname van de Nederlandse bevolking na verdere zoutverlaging in brood; RIVM Briefrapport 2014-0054, november 2014.
  • Wang T et al.: Antioxidant capacities of phlorotannins extracted from the brown algae Fucus vesiculosus; Journal of Agricultural and Food Chemistry 60(23):5874-5883, 2012.
  • Bladderwrack; website Natural Medicines. Geraadpleegd 10-2015.
  • Iodine; website Natural Medicines. Geraadpleegd 10-2015.
  • Pearce EN, Andersson M, Zimmermann MB: Global iodine nutrition: Where do we stand in 2013?; Thyroid 23(5):523-528, 2013.

< Terug