Zink

Het spoorelement zink is een essentiële nutriënt die betrokken is bij een scala aan metabole processen en zodoende van fundamenteel belang is voor onze gezondheid. Zo is zink belangrijk voor de groei, immuniteit, neuropsychologische ontwikkeling en reproductie en speelt het een gunstige rol bij wondgenezing, oxidatieve stress en ontstekingsprocessen. De werking van zink is gebaseerd op de regulerende functies van het zink-ion (Zn2+), zowel intra- als extracellulair, en de interactie met eiwitten. Zn2+ is een belangrijk onderdeel van meer dan 300 enzymen en onder andere betrokken bij de regulering van hormonen, de vertering van koolhydraten, vetten en eiwitten, en de genexpressie.
Bijna 95% van de totale lichaamsvoorraad zink bevindt zich in de cellen, zodat de extracellulaire concentratie laag is. Slechts circa 0,1% van de lichaamsvoorraad circuleert in het bloed.
Organen met het hoogste zinkgehalte zijn de lever, alvleesklier (vooral in de bètacellen in de eilandjes van Langerhans), testikels, netvlies van het oog, de spieren en prostaat. Gezond prostaatweefsel heeft de hoogste concentratie zink van alle zachte weefsels in het lichaam.

Tekorten
De belangrijkste voedingsbronnen van zink zijn orgaanvlees, rood vlees, oesters, schaaldieren en tarwekiemen, al is de biobeschikbaarheid van dit laatste voedingsmiddel laag vanwege de aanwezigheid van antinutriënten, met name fytinezuur. Fytinezuur is de belangrijkste remmende factor van zinkopname in de darm. Het vormt onoplosbare complexen met zink waardoor de cellen in de darmwand minder zink kunnen opnemen. Ook volkorenproducten, sojaproducten zoals tofu, aardappelen, zilvervliesrijst en noten leveren zink, maar veel minder dan vlees. Veganisten en vegetariërs lopen daarom een groter risico op een onvoldoende inname van zink dan vleeseters.
In een Australische review en meta-analyse van 34 studies is gevonden dat vegetariërs inderdaad lagere innames en serumwaarden van zink hebben dan vleeseters en dit verschil is groter bij vrouwen en veganisten. Uit een recente studie met 48.188 mensen van 18 jaar en ouder is bovendien gebleken dat vegetariërs en veganisten vaker een beroerte krijgen dan vleeseters. Naast andere nutriëntentekorten zou met name een zinktekort hierbij een oorzakelijke rol spelen.
In een andere review is vastgesteld dat ook zwangere vrouwen die vegetarisch eten een lagere zinkinname hebben dan zwangere vleeseters. Bij beide groepen lag de dagelijkse inname van zink onder de door het Institute of Medicine (IOM) geadviseerde 11 mg.
Overigens levert ook een glutenvrij dieet te weinig zink, net als te weinig calcium, magnesium, ijzer, folaat, vitamine B12 en vitamine D.
Bij 15% van de bevolking van geïndustrialiseerde landen is sprake van een zinktekort als gevolg van een gebrekkige inname via de voeding, in ontwikkelingslanden betreft het zelfs een kwart van de bevolking. Daarnaast kunnen genetische oorzaken, overmatig alcoholgebruik, roken of bepaald medicijngebruik (anticonceptiva, corticoïden) een zinktekort veroorzaken.
Een (chronisch) zinktekort kan leiden tot groeiachterstand, veranderde of verminderde reuk en smaak, hypogonadisme (te lage spiegel van geslachtshormonen) of anorexia. Uit een recente studie komt naar voren dat zinkdeficiëntie ook een rol kan spelen bij het ontstaan van auto-immuunziekten, zoals type I-diabetes, reumatoïde artritis, multiple sclerose en de ziekte van Crohn.

Kinderen
Zink is belangrijk voor de groei en ontwikkeling van het lichaam. Uit recent onderzoek blijkt dat zink van cruciaal belang is voor de neurale ontwikkeling bij het jonge kind. Zinkdeficiëntie in de vroege ontwikkelingsfase van kinderen houdt mogelijk verband met het ontstaan van autisme.
In een Thaise studie kregen 140 kinderen (gemiddelde leeftijd 8,9 jaar) zes maanden lang elke schooldag zink bisglycinaat (15 mg elementair zink) of een placebo. Voor de interventie verschilden de antroprometrische parameters (lengte, gewicht etc.) tussen beide groepen niet wezenlijk. Na zes maanden waren de kinderen in de zinkgroep significant meer gegroeid: hun lichaamslengte was toegenomen met 5,6 cm tegenover 4,7 cm in de placebogroep. Er werden geen verschillen gevonden voor andere antroprometrische parameters.
Omdat onderzoeken naar het effect van zinksuppletie op de groei van kinderen nogal wisselende uitkomsten hebben, heeft een groep wetenschappers van Tufts University in Boston een systematische review en meta-analyse uitgevoerd naar dit effect. In totaal werden 78 onderzoeken met 34.352 kinderen jonger dan 5 jaar geïncludeerd. Zinksuppletie vanaf de geboorte had een gunstig effect op lengte, gewicht en de gewicht naar leeftijd score. Suppletie vanaf 2 jaar en ouder had een sterker effect.
Uit een Cochrane-review komt naar voren dat zinksuppletie bij kinderen van 6 maanden en ouder die een zinktekort hebben of ondervoed zijn de duur van chronische en acute diarree verkort.
Bij kinderen met ADHD worden regelmatig lage zinkwaarden of zinkdeficiëntie geconstateerd. In meerdere onderzoeken wordt geopperd dat een zinktekort wellicht een rol zou kunnen spelen bij het ontstaan van ADHD. Iraanse wetenschappers hebben onderzocht in hoeverre zinksuppletie als adjuvans naast methylfenidaat zinvol kan zijn. 44 kinderen (18 meisjes en 26 jongens) met ADHD in de leeftijd van 5-11 jaar kregen dagelijks naast methylfenidaat (1 mg/kg lichaamsgewicht) 55 mg zinksulfaat (ca. 15 mg elementair zink) of een placebo. Na zes weken waren de scorelijsten voor ouders en leraren van kinderen die zink hadden gekregen significant beter dan die van de kinderen die alleen methylfenidaat hadden gekregen.
Aan een grootser opgezet Turks onderzoek namen 400 kinderen (72 meisjes en 328 jongens; gemiddelde leeftijd 9,6 jaar) met ADHD deel. Ze werden willekeurig verdeeld over twee groepen. De ene groep kreeg 150 mg zinksulfaat (ca. 33 mg elementair zink) per dag, de andere een placebo. De resultaten werden bepaald aan de hand van meerdere ADHD-scorelijsten voor ouders en leraren. Na twaalf weken interventie bleek zink effectiever dan placebo in het verminderen van hyperactiviteit, impulsief gedrag en sociale problemen, maar dit gold niet voor concentratieproblemen. De beste resultaten werden bereikt bij wat oudere kinderen met een hogere BMI en lagere waarden van zink en vrije vetzuren.
Uit een Egyptische studie blijkt dat zinksuppletie ook gunstig kan zijn voor kinderen met hardnekkige epilepsie. 45 kinderen met idiopathische epilepsie in de leeftijd van 3-12 jaar kregen dagelijks ofwel een zinksupplement (1 mg/kg lichaamsgewicht) ofwel een placebo. Na zes maanden was het aantal epilepsieaanvallen met meer dan de helft verminderd bij 31% van de kinderen in de zinkgroep (18% in de placebogroep). Bij twee kinderen waren de aanvallen zelfs geheel verdwenen (geen in de placebogroep).

Afweer
Zink is een cofactor van superoxide dismutase, een antioxidant enzym dat een belangrijke rol in de afweerreactie speelt. Verder heeft zink onder meer een ontstekingsremmende werking doordat het de vorming van stikstofoxide blokkeert. Een zinkdeficiëntie onderdrukt het immuunsysteem doordat het leidt tot een verhoogde productie van glucocorticoïden (stresshormonen). Dit resulteert in een uitputting van precursor T- en B-cellen in het beenmerg en de thymus, waardoor de productie van lymfocyten wordt belemmerd. Een verlaagde zinkstatus tast bovendien functioneren van macrofagen en neutrofielen en de activiteit van NK-cellen en het complementsysteem aan.
Bij muizen leidt onvoldoende inname van zink na een maand al tot een vermindering van de afweercapaciteit van 30-80%. De zinktekorten die worden gezien bij aandoeningen als sikkelcelanemie, hiv, nierziekten of Danbolt-Cross syndroom (erfelijk zinkmalabsorptiesyndroom waarbij de darmmucosa geen zink kan opnemen), bij kinderen met diarree en bij ouderen ondermijnen het immuunsysteem aanzienlijk, waardoor de kans op opportunistische infecties en zelfs overlijden toeneemt. Er is evenwel aanzienlijk bewijs dat zinksuppletie de afbraak van het immuunsysteem kan voorkomen en de afweercapaciteit kan vergroten.
In een Amerikaans onderzoek met zink deficiënte 65-plussers uit verzorgingstehuizen zorgde drie maanden zinksuppletie (30 mg/dag) voor een significante stijging van de plasmawaarden van zink en van de T-celfunctie, met name door een toename van het aantal T-cellen.
Bij een groep Italiaanse ouderen resulteerde drie maanden suppletie met 25 mg zink per dag in een betere immuunrespons (toename van T-helpercellen en cytotoxische T-cellen).
Bij Indonesische kinderen in de leeftijd van 2-5 jaar zorgde vier maanden lang dagelijks 10 mg zink voor een betere cellulaire immuunrespons (toename van IFN-γ). De beste resultaten werden gezien bij jongetjes jonger dan 3,5 jaar.
In de afgelopen 50 jaar is uit talloze onderzoeken naar voren gekomen dat zink een direct antivirale werking heeft, onder meer het remmen van de virusreplicatie, en de antivirale afweer stimuleert. Zo is in meerdere studies een gunstig effect gevonden van zinksuppletie in hoge doseringen (> 75 mg/dag) op het beloop van een verkoudheid. Een Amerikaanse studie betrof 108 volwassenen en kinderen die tien dagen of korter last hadden van verkoudheidsklachten. Ze kregen elke twee uur ofwel een zuigtablet met 23 mg zink als gluconaat (maximaal 12 per dag; kinderen lichter dan 27 kg een halve zuigtablet met maximum van 6 tabletten per dag) of een placebo. Na een week was 90% van de patiënten die zink hadden gekregen klachtenvrij tegenover 49% in de placebogroep. Omdat de onderzoekers benieuwd waren naar het effect van zink bij een beginnende verkoudheid maakten ze een aparte analyse van 65 patiënten die drie dagen of korter verkouden waren. 86% van de 37 patiënten in de zinkgroep was na een week klachtenvrij, terwijl dat voor slechts 46% van de 28 patiënten in de placebogroep gold.
Aan een ander onderzoek namen 100 vrijwilligers deel die minder dan 24 uur voor de start van de interventie verkoudheidsklachten hadden gekregen. 50 patiënten namen elke twee uur dat ze wakker waren een zuigtablet met 13,3 mg zink als gluconaat totdat de klachten voorbij waren. De andere helft deed dat met placebo zuigtabletten. Degenen die zink namen waren na 4,4 dagen (mediaan) van hun verkoudheid af. Dat was significant sneller dan bij de placebogebruikers: zij waren pas na 7,6 dagen (mediaan) klachtenvrij. Zinksuppletie verkortte in vergelijking met placebo ook de duur van de verschillende klachten, zoals hoesten (2 vs. 4,5 dagen), heesheid (2 vs. 3 dagen), keelpijn (1 vs. 3 dagen), hoofdpijn (2 vs. 3 dagen), verstopte neus (4 vs. 6 dagen) en loopneus (4 vs. 7 dagen).
In een review van zeven studies met in totaal 575 deelnemers zijn vergelijkbare resultaten gevonden, waarbij de onderzoekers constateren dat dagdoseringen zink van meer dan 100 mg geen grotere effectiviteit laten zien.

Botten
Zink speelt een rol bij de botremodellering doordat het een regulerende werking heeft op een bepaald mechanisme, de zgn. RANKL/RANK/OPG-as. Dit mechanisme handhaaft de symbiose tussen botafbraak door osteoclasten en botformatie door osteoblasten. Zink bevordert de reproductie en differentiatie in osteoblasten en remt de activiteit van osteoclasten. Bovendien is zink gedurende het hele leven van belang voor het handhaven van de botmassa en de integriteit van de botten. Bij pasgeboren dieren zorgt een zinktekort voor een verminderde aanmaak van IGF-1 (somatomedine-C), een groeifactor die van belang is voor het starten van de groeispurt. De verminderde IGF-1-productie bij ouderen leidt tot aftakeling van het skelet en draagt bij aan het ontstaan van osteopenie. Zinksuppletie zou daarom van belang kunnen zijn bij de preventie van ouderdomsosteoporose.
Een ernstig zinktekort tijdens de adolescentie kan belangrijke gevolgen hebben voor de gezondheid van de botten later in het leven, zo blijkt uit Canadees dieronderzoek. Jonge ratten op een zinkarme voeding hadden niet alleen veel lagere zinkwaarden in serum en dijbenen maar ook een lagere BMD in de ruggengraat en 33% lagere waarden van het calciumbindend eiwithormoon osteocalcine.
Uit meerdere onderzoeken komt naar voren dat een goede voorziening met zink of zinksuppletie botverlies voorkomt en de algehele gezondheid van botten gunstig beïnvloedt. In dieronderzoek beschermt zinksuppletie het botweefsel tegen de schadelijke effecten van blootstelling aan cadmium. Extra zink beschermt tegen oxidatieve stress als gevolg van cadmium en voorkomt daarmee oxidatie van eiwitten, DNA en vetten in botweefsel. Bovendien herstelt zinksuppletie de door cadmium ontregelde RANKL/RANK/OPG-as en voorkomt daarmee botverlies.
Zinkdeficiëntie veroorzaakt een toename van malondialdehyde (MDA; biomarker voor oxidatieve stress) in botweefsel en bloed bij ratten waarvan de eierstokken zijn verwijderd (ratten met verwijderde eierstokken worden gebruikt als studiemodel voor postmenopauzaal botverlies). Extra zink verlaagt bij deze dieren de MDA-waarden en verhoogt de bot- en bloedwaarden van de antioxidant glutathion. In een Iraans onderzoek bleken vrouwen met postmenopauzale osteopenie of osteoporose een te geringe zinkinname en significant lagere serumwaarden zink te hebben dan normaal. Zinksuppletie zou dus gunstig kunnen zijn voor postmenopauzale vrouwen.
Osteoporose is ook een complicatie bij zowel type I- als type II-diabetes. In een Chinese studie is gekeken in hoeverre zink kan beschermen tegen diabetische osteoporose. 36 ratten werden verdeeld in drie groepen: een controlegroep, een groep met type I-diabetes en een groep met type I-diabetes plus zinksuppletie. Acht weken suppletie met 0,25 mg zink per kg lichaamsgewicht per dag zorgde naast een verlaging van de bloedsuikerspiegel onder andere voor een hogere BMD, een gunstig effect op de RANKL/RANK/OPG-as en herstel van diverse parameters van botsamenstelling naar normale waarden.
In eerder dieronderzoek was al vastgesteld dat een tekort aan zink diabetische osteoporose kan verergeren. Zelfs een matig zinktekort zorgde al voor een afname van de calcium- en fosforgehaltes in botweefsel en een sterke verhoging van de uitscheiding van deze mineralen die door de diabetes al hoger was.

Diabetes
Zink is belangrijk voor het goed functioneren van het glucosemetabolisme en is betrokken bij de regulatie en de vorming van insuline. Uit in-vitro onderzoek blijkt dat zink een insulineachtige werking kan ontplooien en zo het transport van glucose naar de cellen kan vergroten. Uit dieronderzoek blijkt dat zink bij hyperglycemie nierschade als gevolg van oxidatieve stress en ontstekingsprocessen kan helpen voorkomen. In meerdere onderzoeken is naar voren gekomen dat zinktekort een risicofactor voor obesitas en diabetes is. Wetenschappers hebben vastgesteld dat een verstoorde zinkhomeostase een nadelige invloed heeft op de werking van de bètacellen, die verantwoordelijk zijn voor de aanmaak van insuline.
In een Iraanse studie kregen 70 patiënten met type II-diabetes en overgewicht acht weken lang dagelijks 50 mg zink gluconaat of een placebo. Zinksuppletie zorgde voor een toename van de aanmaak en enzymactiviteit van superoxide dismutase (SOD; krachtig antioxidant enzym) en insuline, vergeleken met placebo. Verder waren in de zinkgroep de waarden van nuchter bloedglucose, HbA1c (geglyceerd hemoglobine), HOMA-IR (insulineresistentie-index), triglyceriden en totaalcholesterol aanzienlijk verlaagd.
Een review van 32 interventiestudies met in totaal 1.700 deelnemers uit veertien landen vond vergelijkbare effecten van zinksuppletie ter preventie en bij de behandeling van diabetes: nuchter bloedglucose – 0,79 mmol/l, postprandiaal glucose – 2,05 mmol/l, nuchter insuline – 1,82 mE/l, HbA1c – 0,55% en HOMA-IR – 0,73.
Ook bij zwangerschapsdiabetes zijn gunstige effecten van zinksuppletie gevonden. In een studie kreeg een groep van 58 vrouwen die voor het eerst zwanger waren en bij wie zwangerschapsdiabetes was vastgesteld dagelijks ofwel 30 mg zink als zink gluconaat ofwel een placebo. Na zes weken hadden de vrouwen die zink hadden gekregen significant hogere plasmawaarden zink dan degenen die een placebo hadden gekregen. In de zinkgroep was de nuchtere bloedglucosewaarde gedaald met 0,37 mmol/l (placebo: + 0,03 mmol/l) en het seruminsuline met 1,3 mE/l (placebo: + 6,6 mE/l). Verder was de insulineresistentie iets afgenomen en de insulinegevoeligheid iets toegenomen. Ook de waarden van serumtriglyceriden en VLDL-cholesterol waren beter dan in de placebogroep.

Overige
– Depressie. In meerdere onderzoeken is gebleken dat mensen met depressieve klachten lagere serumwaarden van zink hebben dan gezonde mensen. Uit een review van studies met in totaal 2.447 deelnemers (van wie 1.643 depressief), blijkt dat de zinkwaarden van depressieve mensen zo’n 1,85 µmol/l lager liggen dan die van gezonde mensen. Naarmate de zinkwaarden dalen neemt de ernst van de depressie toe.
Daarnaast blijken reguliere antidepressiva, zoals tricyclische antidepressiva en SSRI’s, de bloedwaarden van zink nog verder te verlagen.
In een Poolse studie kregen 14 patiënten met een depressieve stoornis naast reguliere antidepressiva dagelijks 25 mg elementair zink of een placebo. Na twee weken waren de scores op de Hamilton Depression Rating Scale (HDRS) in beide groepen significant lager en na zes weken was de score op de Beck Depression Inventory (BDI) in de zinkgroep lager. Na zes en twaalf weken zinksuppletie waren de scores op zowel de HDRS als de BDI lager dan in de placebogroep. Extra zink kan dus het effect van een behandeling met antidepressiva vergroten, aldus de onderzoekers. Uit andere onderzoeken is gebleken dat zinksuppletie zelfs bij therapieresistente patiënten de effectiviteit van antidepressiva kan verbeteren.

– Maculadegeneratie. Zinksuppletie blijkt een gunstig effect hebben op het beloop van ouderdomsgerelateerde maculadegeneratie (Age-related Macular Degeneration; AMD). Zink komt in hoge concentraties voor in het netvlies van het oog en op grond daarvan is de mogelijke rol van zink bij AMD veelvuldig onderzocht. In een studie van de Age-Related Eye Disease Study Research Group met 3.640 patiënten met AMD bleek 80 mg zink (plus 2 mg koper) de kans op progressie van AMD met 25% te verminderen in vergelijking met placebo. Gecombineerd met een aantal andere antioxidanten (vitamine C, E en bèta-caroteen) nam de kans nog iets meer af: – 27%. Bij patiënten met een grote kans op progressie zorgde de combinatie van zink en andere antioxidanten zelfs voor een risicovermindering van 33%.
Onderzoekers van het Erasmus MC in Rotterdam hebben vastgesteld dat een hogere inname van zink, vitamine C, E en bèta-caroteen via de voeding of als supplement bij 55-plussers de kans op het ontwikkelen van AMD met 35% vermindert.

– Chronische darmontsteking. Bij zo’n 15% van de patiënten met chronische darmontsteking is sprake van een zinkdeficiëntie. In een Amerikaanse studie met 773 patiënten met de ziekte van Crohn en 223 patiënten met colitis ulcerosa is de impact van een zinktekort op het ziektebeloop onderzocht. In beide patiëntengroepen hadden degenen met een zinkdeficiëntie een veel grotere kans op slechtere vooruitzichten dan degenen met normale waarden (Crohn: ziekenhuisopname + 44%, operatie + 105%, complicaties + 50%; colitis: ziekenhuisopname + 114%, operatie + 64%, complicaties + 97%). Normalisering van de zinkwaarden verbeterde de vooruitzichten.

– Mannelijke vruchtbaarheid. Zink speelt een voorname rol bij de mannelijke vruchtbaarheid. Een goede zinkstatus is essentieel voor de gezondheid van de prostaat en kan de ontwikkeling van prostaatkanker remmen. Zo remt zink terminale oxidatie, stimuleert mitochondriale apoptose en tempert de activiteit van NF-κB. Bovendien zou zink een belangrijke rol kunnen spelen bij het handhaven van de integriteit van het DNA in normale epitheelcellen van de prostaat.
Tevens is zink van belang voor de fysiologische functies van sperma; lage zinkspiegels gaan samen met slechte kwaliteit van het zaad en geringere kansen op bevruchting. In een Iraanse studie met vruchtbare en onvruchtbare mannen, zowel rokers als niet-rokers, is onder meer gekeken naar het zinkgehalte in zaadvocht. Vruchtbare mannen hadden significant hogere zinkwaarden dan onvruchtbare mannen. In beide groepen was het zinkgehalte van rokers lager dan van niet-rokers. Tevens werd in beide groepen een significant verband gevonden tussen de hoeveelheid zink in zaadvloeistof en het aantal en een normale morfologie van zaadcellen. In een Chinese studie bleek zinksuppletie bij patiënten met chronische prostatitis de liquefactie (vervloeiing) van het zaad en de beweeglijkheid van de zaadcellen te verbeteren.

(WD)

Bronnen

  • Zinc, in: Alternative Medicine Review Monographs: volume 1; 459-466, Thorne Research Inc., New York, 2002. ISBN-13 9780972581509.
  • Zinc; Natural Medicines database, geraadpleegd 11-2020.
  • Grüngreiff K, Gottstein T, Reinhold D: Zinc Deficiency-An Independent Risk Factor in the Pathogenesis of Haemorrhagic Stroke?; Nutrients 12(11):3548, 2020.
  • Wessels I, Rink L: Micronutrients in autoimmune diseases: possible therapeutic benefits of zinc and vitamin D; Journal of Nutritional Biochemistry 77:108240, 2020.
  • Foster M, et al.: Effect of vegetarian diets on zinc status: a systematic review and meta-analysis of studies in humans; Journal of the Science of Food and Agriculture 93(10):2362-2371, 2013.
  • Foster M et al.: Zinc Status of Vegetarians during Pregnancy: A Systematic Review of Observational Studies and Meta-Analysis of Zinc Intake; Nutrients 7(6):4512-4525, 2015.
  • Vici G et al.: Gluten free diet and nutrient deficiencies: A review; Clinical Nutrition 35(6):1236-1241, 2016.
  • Ha HTT et al.: Shank and Zinc Mediate an AMPA Receptor Subunit Switch in Developing Neurons; Frontiers in Molecular Neuroscience, 9 nov. 2018 [Epub ahead of print].
  • Rerksuppaphol S, Rerksuppaphol L: Zinc supplementation enhances linear growth in school-aged children: A randomized controlled trial; Pediatric Reports 9(4):7294, 2018.
  • Liu E et al.: Effect of Zinc Supplementation on Growth Outcomes in Children under 5 Years of Age; Nutrients 10(3) pii: E377, 2018.
  • Lazzerini M, Wanzira H: Oral zinc for treating diarrhoea in children; Cochrane Database of Systematic Reviews 12(12):CD005436, 2016.
  • Dodig-Curković K et al.: The role of zinc in the treatment of hyperactivity disorder in children; Acta Med Croatica 63(4):307-313, 2009.
  • Akhondzadeh S, Mohammadi MR, Khademi M: Zinc sulfate as an adjunct to methylphenidate for the treatment of attention deficit hyperactivity disorder in children: a double blind and randomized trial [ISRCTN64132371]; BMC Psychiatry 4:9, 2004.
  • Bilici M et al.: Double-blind, placebo-controlled study of zinc sulfate in the treatment of attention deficit hyperactivity disorder; Progess in Neuro-psychopharmacology & Biological Psychiatry 28(1):181-190, 2004.
  • Saad K et al.: A randomized, double-blind, placebo-controlled clinical trial of the efficacy of treatment with zinc in children with intractable epilepsy; Functional Neurology 30(3):181-185, 2015.
  • Fraker PJ et al.: The dynamic link between the integrity of the immune system and zinc status; Journal of Nutrition 130(5S Suppl):1399S-1406S, 2000.
  • Wintergerst ES, Maggini S, Hornig DH: Contribution of selected vitamins and trace elements to immune function; Annals of Nutrition and Metabolism 51(4):301-323, 2007.
  • Barnett JB et al.: Effect of zinc supplementation on serum zinc concentration and T cell proliferation in nursing home elderly: a randomized, double-blind, placebo-controlled trial; American Journal of Clinical Nutrition pii: ajcn115188, 27 jan. 2016 [Epub ahead of print].
  • Fortes C et al.: The effect of zinc and vitamin A supplementation on immune response in an older population; Journal of the American Geriatrics Society 46(1):19-26, 1998.
  • Kartasurya MI et al.: Effect of zinc and vitamin A supplementation on immune responses in Indonesian pre-schoolers; Asia Pacific Journal of Clinical Nutrition 29(4):732-742, 2020.
  • Read SA et al.: The Role of Zinc in Antiviral Immunity; Advances in Nutrition 10(4):696-710, 2019.
  • Eby GA, Davis DR, Halcomb WW: Reduction in duration of common colds by zinc gluconate lozenges in a double-blind study; Antimicrobial Agents and Chemotherapy 25(1):20-24, 1984.
  • Mossad SB et al.: Zinc gluconate lozenges for treating the common cold. A randomized, double-blind, placebo-controlled study; Annals of Internal Medicine 125(2):81-88, 1996.
  • Hemilä H: Zinc lozenges and the common cold: a meta-analysis comparing zinc acetate and zinc gluconate, and the role of zinc dosage; JRSM Open 8(5):2054270417694291, 2017.
  • Human Vitamin and Mineral Requirements, Report of a joint FAO/WHO expert consultation Bangkok, Thailand; FAO, Rome, 2001.
  • Boyce BF, Xing L: The RANKL/RANK/OPG pathway; Current Osteoporosis Reports 5(3):98-104, 2007.
  • Amin N et al.: Zinc supplements and bone health: The role of the RANKL-RANK axis as a therapeutic target; Journal of Trace Elements in Medicine and Biology 57:126417, 2020.
  • Ryz NR et al.: Zinc deficiency reduces bone mineral density in the spine of young adult rats: a pilot study; Annals of Nutrition and Metabolism 54(3):218-226, 2009.
  • Brzóska MM, Rogalska J: Protective effect of zinc supplementation against cadmium-induced oxidative stress and the RANK/RANKL/OPG system imbalance in the bone tissue of rats; Toxicology and Applied Pharmacology 272(1):208-220, 2013.
  • Baltaci AK et al.: The effects of zinc deficiency and supplementation on lipid peroxidation in bone tissue of ovariectomized rats; Toxicology 203(1-3):77-82, 2004.
  • Mahdavi-Roshan M, Ebrahimi M, Ebrahimi A: Copper, magnesium, zinc and calcium status in osteopenic and osteoporotic post-menopausal women; Clinical Cases in Mineral and Bone Metabolism 12(1):18-21, 2015.
  • Qi S et al.: Zinc Supplementation Increased Bone Mineral Density, Improves Bone Histomorphology, and Prevents Bone Loss in Diabetic Rat; Biological Trace Element Research 194(2):493-501, 2020.
  • Fushimi H et al.: Zinc deficiency exaggerates diabetic osteoporosis; Diabetes Research and Clinical Practice 20(3):191-196, 1993.
  • Tang X, Shay NF: Zinc has an insulin-like effect on glucose transport mediated by phosphoinositol-3-kinase and Akt in 3T3-L1 fibroblasts and adipocytes; Journal of Nutrition 131(5):1414-1420, 2001.
  • Tang Y et al.: Zinc supplementation partially prevents renal pathological changes in diabetic rats; Journal of Nutritional Biochemistry 21(3):237-246, 2010.
  • Sladek R et al.: A genome-wide association study identifies novel risk loci for type 2 diabetes; Nature 445(7130):881-885, 2007.
  • Nazem MR et al.: Effects of zinc supplementation on superoxide dismutase activity and gene expression, and metabolic parameters in overweight type 2 diabetes patients: A randomized, double-blind, controlled trial; Clinical Biochemistry 69:15-20, 2019.
  • Wang X et al.: Zinc supplementation improves glycemic control for diabetes prevention and management: a systematic review and meta-analysis of randomized controlled trials; American Journal of Clinical Nutrition 110(1):76-90, 2019.
  • Karamali M et al.: Zinc supplementation and the effects on metabolic status in gestational diabetes: A randomized, double-blind, placebo-controlled trial; Journal of Diabetes and its Complications 29(8):1314-1319, 2015.
  • Swardfager W et al.: Zinc in depression: a meta-analysis; Biological Psychiatry 74(12):872-878, 2013.
  • Petrilli MA et al.: The Emerging Role for Zinc in Depression and Psychosis; Frontiers in Pharmacology 8:414, 2017.
  • Nowak G et al.: Effect of zinc supplementation on antidepressant therapy in unipolar depression: a preliminary placebo-controlled study; Polish Journal of Pharmacology 55(6):1143-1147, 2003.
  • Szewczyk B et al.: The role of magnesium and zinc in depression: similarities and differences; Magnesium Research 31(3):78-89, 2018.
  • Age-REDS Research Group: A randomized, placebo-controlled, clinical trial of high-dose supplementation with vitamins C and E, beta carotene, and zinc for age-related macular degeneration and vision loss: AREDS report no. 8; Archives of Ophthalmology 119(10):1417-1436, 2001.
  • van Leeuwen R et al.: Dietary intake of antioxidants and risk of age-related macular degeneration; JAMA 294(24):3101-3107, 2005.
  • Siva S et al.: Zinc Deficiency is Associated with Poor Clinical Outcomes in Patients with Inflammatory Bowel Disease; Inflammatory Bowel Diseases 23(1):152-157, 2017.
  • Ho E, Song Y: Zinc and prostatic cancer; Current Opinion in Clinical Nutrition and Metabolic Care 12(6):640-645, 2009.
  • Colagar AH, Marzony ET, Chaichi MJ: Zinc levels in seminal plasma are associated with sperm quality in fertile and infertile men; Nutrition Research 29(2):82-88, 2009.
  • Deng CH, Zheng B, She SF: A clinical study of biological zinc for the treatment of male infertility with chronic prostatitis; Zhonghua Nan Ke Xue 11(2):127-129, 2005.

< Terug