Vitamine B-complex

Het vitamine B-complex is een combinatie van wateroplosbare vitaminen en andere essentiële micronutriënten die belangrijke functies vervullen in het celmetabolisme. Daarnaast zijn ze onder meer essentieel voor de koolhydraat-, eiwit- en vetstofwisseling om energie te produceren (o.a. omzetting in glucose). De B-vitaminen functioneren als een hechte groep en zijn voor hun werkzaamheid vaak sterk afhankelijk van elkaar.

Voor een goede voorziening van B-vitaminen is het belangrijk dat de biochemische omzetting in het lichaam van inactieve vormen van deze vitaminen naar de biologisch actieve (co-enzymatische) vormen goed verloopt. Dit geldt onder meer voor de vitaminen B2, B6, B12 en foliumzuur. Deze vaak complexe omzettingsprocessen verlopen niet altijd even efficiënt en daarom worden tegenwoordig steeds vaker biologisch actieve vormen van B-vitaminen in voedingssupplementen aangeboden.

Vitamine B1
De belangrijkste functie van vitamine B1 is als co-enzym om enzymen te activeren. Verder is vitamine B1 van belang voor de zenuwimpulsgeleiding, de mentale conditie (verbetert de werking van acetylcholine), de synthese van nucleotiden (RNA, DNA), de insulineproductie en de energieproductie uit voeding (samen met vitamine B2, B3 en B5). Vitamine B1 bevordert ook de activiteit van vitamine B12.
In het algemeen komt vitamine B1-deficiëntie zelden voor, maar alcoholisten, anorexiapatiënten, patiënten met de ziekte van Crohn, mensen die nierdialyse ondergaan en zij die lisdiuretica gebruiken lopen meer risico op een tekort. Mensen met een zeer actief leefpatroon, bijvoorbeeld (top)sporters, hebben een grotere behoefte aan vitamine B1.

Vitamine B2
Vitamine B2 is een antioxidant die celstructuren en DNA helpt beschermen tegen vrije radicaalschade. Verder speelt vitamine B2 een rol bij de vorming van diverse leverenzymen, de productie van rode bloedcellen en is het van belang voor de groei. De vitamine is tevens noodzakelijk voor een gezonde huid, nagels en haargroei.
Samen met vitamine B6, B12 en foliumzuur is vitamine B2 van belang voor de homocysteïne homeostase. Verhoogde homocysteïnewaarden zijn een risicofactor voor het ontstaan van hart- en vaatziekten.
Vitamine B2-tekort komt niet veel voor in de westerse wereld, maar vaker in ontwikkelingslanden. In ontwikkelde landen komt een tekort wel voor bij zwangeren, jonge kinderen en ouderen. Meestal hangt een tekort ook samen met een verminderde inname van vlees- en zuivelproducten.

Vitamine B3
Vitamine B3 speelt onder andere een rol in het vetzuurmetabolisme. In de lever remt vitamine B3 de aanmaak van VLDL, met als gevolg een afname van LDL-cholesterol, totaalcholesterol en triglyceriden. Daarnaast remt vitamine B3 de cholesterolsynthese in de lever en verhoogt het de HDL-waarden door het katabolisme te remmen. Ook is vitamine B3 van belang voor de aanmaak van geslachtshormonen en stress gerelateerde hormonen, voor DNA-reparatie en voor een goede bloedcirculatie. Uit een Australisch onderzoek is naar voren gekomen dat vitamine B3 in de vorm van niacine miskramen en geboortedefecten kan helpen voorkomen (lees bericht). Een vitamine B3-tekort wordt hoofdzakelijk gezien bij alcoholisten.

Vitamine B5
Ook vitamine B5 is nodig voor de aanmaak van geslachtshormonen en stress gerelateerde hormonen in de bijnieren. Tevens is deze vitamine onmisbaar voor de vorming van rode bloedcellen en van cholesterol. Daarnaast zorgt vitamine B5 voor een gezond spijsverteringskanaal en voor een betere beschikbaarheid van andere vitaminen, zoals vitamine B2.

Vitamine B6
Een goede voorziening met vitamine B6 is belangrijk voor de ontwikkeling en het functioneren van het brein. Vitamine B6 is nauw betrokken bij de aanmaak van diverse neurotransmitters en de productie van de hormonen melatonine (reguleert de biologische klok van het lichaam), serotonine en norepinefrine (van invloed op de stemming). De stemmingswisselingen die kenmerkend zijn voor de periode rond de menopauze worden ook in belangrijke mate veroorzaakt door sterke hormoonfluctuaties. Vitamine B6 kan een rol spelen bij het temperen van deze stemmingswisselingen, maar ook bij het verminderen van PMS-klachten.
Vitamine B6 is tevens noodzakelijk voor de productie van immuuncellen, rode bloedcellen en voor de absorptie van vitamine B12.
Samen met vitamine B2, B12 en foliumzuur speelt vitamine B6 een belangrijke rol bij de homocysteïne homeostase. Verhoogde homocysteïnewaarden zijn een risicofactor voor het ontstaan van hart- en vaatziekten en osteoporotische fracturen. Juist na de menopauze blijkt de plasmawaarde homocysteïne toe te nemen. Vitamine B6 is betrokken bij de conversie van homocysteïne in cystathionine en cysteïne. Ook uit de Nurses’ Health Study is gebleken dat vrouwen met veel vitamine B6 en foliumzuur in hun voeding het minste risico lopen op cardiovasculaire aandoeningen.
Een tekort aan alleen vitamine B6 komt niet vaak voor; meestal zijn dan ook de andere B-vitaminen (met name foliumzuur en vitamine B12) deficiënt. Volgens enkele onderzoeken kan er wel sprake zijn van een gebrekkige voorziening en geringe tekorten bij met name kinderen en ouderen. Sommige medicijnen (o.a. hydralazine en theofylline) kunnen de uitscheiding van vitamine B6 verhogen, waardoor gemakkelijk een tekort kan ontstaan.

Foliumzuur
Foliumzuur is belangrijk als co-enzym bij de omzetting van aminozuren, de synthese van nucleotiden en de vorming van rode bloedcellen. Ook speelt deze vitamine een voorname rol bij de ontwikkeling van de hersenen en het ruggenmerg van een foetus en in perioden van verhoogde celdeling, zoals tijdens de jeugd en de puberteit. Samen met vitamine B12 en vitamine C is foliumzuur noodzakelijk voor de afbraak van eiwitten en de vorming van hemoglobine, het bestanddeel van rode bloedcellen dat transport van zuurstof en koolstofdioxide mogelijk maakt.
Samen met vitamine B2, B6 en B12 speelt foliumzuur een belangrijke rol bij de homocysteïne homeostase.
Een tekort aan foliumzuur komt relatief veel voor, met name als gevolg van een gebrekkige inname via de voeding en veelvoorkomende problemen bij de omzetting van het synthetische foliumzuur in een bioactieve co-enzymatische vorm. Verder kan overmatig alcoholgebruik leiden tot tekorten omdat alcohol de heropname van foliumzuur vanuit de darm belemmert. Daarnaast kan een flink aantal geneesmiddelen de biosynthese en opname van folaat en tetrahydrofolaat verstoren.
Lees meer over foliumzuur.

Vitamine B12
Vitamine B12 is betrokken is bij de DNA-synthese en speelt een belangrijke rol bij het goed functioneren van het zenuwstelsel en de hersenen en bij de aanmaak van bloedcellen (samen met foliumzuur). Samen met vitamine B2, B6 en foliumzuur speelt vitamine B12 een belangrijke rol bij de homocysteïne homeostase.
Om vitamine B12 te kunnen opnemen is intrinsieke factor, een enzym dat door de pariëtale cellen in de maagwand wordt geproduceerd, nodig. Met het klimmen der jaren neemt de productie van intrinsieke factor af, zodat bij ouderen relatief vaak een vitamine B12-tekort voorkomt. Maar ook verhoogde stress, ontstekingen, maagzuurremmers en andere medicijnen verlagen de intrinsieke factor en kunnen zodoende een vitamine B12-tekort veroorzaken.
Naast ouderen zijn er nog enkele andere groepen die een verhoogd risico op een vitamine B12-tekort lopen: veganisten en ovo-lacto vegetariërs (vitamine B12 zit alleen in dierlijke producten), patiënten met een Helicobacter pylori-besmetting, patiënten met malabsorptie, zoals bij de ziekte van Crohn, bij pancreas-aandoeningen en na bariatrische chirurgie, HIV-patiënten en patiënten met eetstoornissen.
Lees meer over vitamine B12.

Biotine
Biotine, ook wel aangeduid als vitamine B8, vitamine H of co-enzym R, is onder andere van belang voor groei- en herstelprocessen van zenuwen, beenmerg, huid, haar en nagels. Daarnaast is biotine als co-enzym betrokken bij onder andere de synthese van prostaglandinen.
Een tekort aan biotine komt zelden voor en wordt meestal veroorzaakt door langdurige parenterale voeding, overconsumptie van rauwe eieren (ei-eiwit bevat avidine dat zich aan biotine bindt en daardoor opname verhindert; verhitting inactiveert avidine), ernstige ondervoeding of aangeboren stofwisselingsstoornissen.

PABA
PABA (para-aminobenzoëzuur) is een aminozuur dat niet in proteïnen wordt ingebouwd. Vroeger werd PABA beschouwd als een essentiële nutriënt, maar inmiddels is duidelijk geworden dat dit niet het geval is. Er zijn aanwijzingen dat PABA effectief kan zijn bij haaruitval, tegen het grijs worden van haar, bij astma, bij scleroderma en ter preventie van herpes labialis.

Choline
Choline is een essentiële nutriënt en een precursor van de neurotransmitter acetylcholine, die rol speelt bij diverse lichaamsfuncties, waaronder het geheugen en de spiercontrole. Choline is tevens een onderdeel van fosfatidylcholine, dat belangrijk is voor de structuur van biologische membranen. Fosfatidylcholine speelt ook een rol bij het transport van cholesterol en vet vanuit de lever. Choline zelf wordt door het lichaam gebruikt voor de aanmaak van de emulgator lecithine, die de afzetting van cholesterol op de vaatwanden tegengaat.

Inositol
Inositol is een suiker die vaak tot het vitamine B-complex wordt gerekend en daarom soms wordt aangeduid als vitamine B7. Het is een niet-essentiële vitamine die in alle lichaamsweefsels voorkomt en zelfs overvloedig aanwezig is in de myelineschede van neuronen. Het hart en de hersenen bevatten de hoogste concentraties.
Van inositol is onder andere bekend dat het van belang is voor een goede zenuwgeleiding en onmisbaar voor een goede werking van de hersenen. Inositol speelt een rol bij de communicatieroutes van diverse neurotransmitters, zoals dopamine, noradrenaline, serotonine en acetylcholine. Een tekort kan stoornissen van het zenuwstelsel en van het humeur tot gevolg hebben.
Inositol in zeer hoge doseringen (12 g/dag) kan paniekstoornissen verminderen. In een Israëlische studie kregen 21 patiënten met een paniekstoornis, al dan niet in combinatie met pleinvrees, in een dubbelblind placebogecontroleerde cross-over opzet gedurende vier weken dagelijks 12 g inositol. De frequentie en ernst van de paniekaanvallen en de ernst van de pleinvrees namen significant meer af na gebruik van inositol dan van de placebo.
Verder is inositol indirect betrokken bij een aantal belangrijke biologische processen, zoals insuline signaaltransductie, samenstelling van het cytoskelet, op peil houden van het intracellulair calcium, afbraak van vetten en genexpressie.

(WD)

Bronnen

  • Website University of Maryland Complementary and Alternative Medicine Guide. Geraadpleegd 08-2015.
  • Maan ES: Nutriëntenwijzer: Pyridoxine (vitamine B6); Tijdschrift voor Orthomoleculaire Geneeskunde 27(4):12-15, 2012.
  • Rimm EB et al.: Folate and vitamin B6 from diet and supplements in relation to risk of coronary heart disease among women; JAMA 279(5):359-364, 1998.
  • Website Zoëlho. Geraadpleegd 01-2016.
  • Monograph: Inositol hexaniacinate; Alternative Medicine Review 3(3):222-223, 1998.
  • Benjamin J et al.: Double-blind, placebo-controlled, crossover trial of inositol treatment for panic disorder; American Journal of Psychiatry 152(7):1084-1086, 1995.
  • Monograph: Biotin; Alternative Medicine Review 12(1):73-78, 2007.
  • Krijnen L: Foliumzuur niet alleen essentieel voor zwangere vrouwen; Voedingswaarde 6:30-32, 2013.
  • Wikipedia (nl): Vitamine B. Geraadpleegd 08-2015.
  • Wikipedia (en): Biotin. Geraadpleegd 08-2015.
  • Wikipedia (en): Choline. Geraadpleegd 08-2015.

< Terug